|
|
Hoofdstuk 2Hoofdstuk 2 2.1.Boekbegripsvragen Niveau 1. 2.1.1.Kernbegrip is 'onzekerheid', waardoor relaties tussen mensen 'precair' worden en de ene partij over meer macht dan de andere beschikt. Beschrijf voor alle vormen van desintegriteit de specifieke kenmerken van de sociaal-precaire situaties. Niveau 2 2.1.2. Ander kernbegrip is 'structuur', ofwel 'structurele desintegriteit'. Vat in enkele zinnen samen hoe de structurele desintegriteit er voor alle vormen van desintegriteit uitziet en welke de gemeenschappelijke noemer is. 2.2. Studievragen Niveau 1. 2.2.1. Bestudeer de paragraaf over omkoopgedrag in Lasch' Haven in een harteloze wereld' en ga na hoe de visie van Lasch ook van toepassing is op de andere vormen van desintegriteit, met name netwerken, informatie en professionaliteit. 2.2.2. Vraag 2.2.1. anders geformuleerd: hoe denk je dat Lasch zou schrijven over het foute gebruik van netwerken, informatie en professionele macht Niveau 2 2.2.3. Bestudeer de rede van Van den Heuvel over 'collusie tussen overheid en bedrijf' en ontdek welke inzichten deze rede toevoegt aan de paragraaf over imperialistische netwerken uit het boek. Beschrijf ook het verband tussen collusie en omkooppraktijken, draaidefinities van de werkelijkheid en professionele façadebouw. 2.3. Reflectievragen Niveau 1. 2.3.1. In dit hoofdstuk wordt ervan uitgegaan dat desintegriteit het gevolg is van normaal of goed gedrag dat op een gegeven moment ontspoort. Bedenk voor alle 7 ontsporingen een grensgeval en onderzoek welke factoren de doorslag geven, hetzij naar de ene, hetzij naar de andere kant. Niveau 2 2.3.2. (vervolg) Houd nu de hierboven geïdentificeerde factoren tegen het licht van de Nederlandse samenleving, haar bestuursinstellingen en cultuur en onderzoek welke factoren een groot risico vormen en welke factoren slechts een klein risico. 2.4. Praktijkvragen Niveau 1. 2.4.1. Maak een keuze tussen de 5e, 6e of 7e ontsporing, beschrijf in het kort een fictieve situatie en stel je voor dat je aan een dergelijke leiding moet gaan geven. Welke maatregelen zou jij denken zijn noodzakelijk? Niveau 2 2.4.2. Uitgaande van het antwoord op 2.4.1.: welk kritisch pad zou je moeten volgen om schoon schip te maken? 2.5. Analysevragen 2.5.1. Zoek voor elk van de ontsporingen naar een karakteristieke casus in je eigen organisatie. 2.5.2. Analyseer hoe de omgeving (intern en extern) erop heeft gereageerd en welk effect dit heeft gehad. 2.5.3.Ga voor elk van de ontsporingen na of er tekenen zijn die erop wijzen dat zich een patroon van desintegriteit aan het aftekenen is, of zich reeds heeft afgetekend. 2.5.4. Probeer een voorbeeld te vinden van een internationaal 'overwaai' effect inzake desintegriteit. 2.6. Toepassingsvragen 2.6.1. Uitgaande van het antwoord op vraag 2.5.3. hoe denk je dat het beste gereageerd kan worden op voorvallen van desintegriteit. 2.6.2. Bedenk voor elke van de genoemde casussen een maatregel die het risico op herhaling zou kunnen verkleinen. Eigen vragen:
|